• 1850-1940
  • Wederopbouw
  • Na '65
  • Complexen
  • Personen & organisaties
  • Thema's
  • Bouwstijlen
  • Zoeken
  • - - - - - - -
  • Over, bronnen, copyright etc.
  • Privacyverklaring
  • start
  • Oudezijds Voorburgwal bij 226

    Afbeelding uit: februari 2012. De gevel aan de Servetsteeg, gezien over een binnenplaats van Krasnapolsky.
    Afbeelding uit: juli 2009. De schoorsteen.
    Afbeelding uit: augustus 2015. De schoorsteen gezien vanaf de Oude Kerk.
    Afbeelding uit: 1874. Bouwtekening van het slachthuis. Opschrift: "Plan tot het verbouwen van drie Woonhuissen tot Slagt- en Bergplaats voor Vee
Staande in de Servetsteeg Buurt I Nos. 191.192.193."
Bron afbeelding: SAA, bestand 5221BT906569.
    Afbeelding uit: 1882. Ontwerp van het machinegebouw, Servetsteeg 21.
Bron afbeelding: SAA, bestand 5221BT906576.

    A.W. Krasnapolsky, eigenaar van een café in de Warmoesstraat, liet in 1874 aannemer J. Cerlijn drie woonhuizen in de Servetsteeg verbouwen tot slachthuis met bergplaats. Dat pand werd Servetsteeg 13-15. De steeg liep destijds nog van Warmoesstraat tot Voorburgwal.

    In 1880 liet Krasnapolsky in Servetsteeg 21 een stoommachine plaatsen voor de verwarming en verlichting van het café. Dat pand stond aan een zijtak van de steeg. Het project, gereed in 1881, werd geleid door de firma Mijnssen & Co., een ingenieursbureau uit de Nieuwe Doelenstraat. Zij waren agent van de Franse Compagnie Générale d'éclairage électrique die de elektrische installatie leverde.

    In 1882-1883 werden er drie stoommachines bijgeplaatst. Servetsteeg 21 werd daartoe verbouwd naar een ontwerp van G.B. Salm; vermoedelijk werden nummer 17 en 19 toen bij dat pand getrokken. De elektrische installatie werd hiermee feitelijk een elektriciteitscentrale - de eerste van Amsterdam. Ze leverde stroom voor café-restaurant Krasnapolsky en voor afnemers in het hele gebied rondom de Dam. Tijdens de in Amsterdam gehouden Wereldtentoonstelling van 1883 kon zodoende de hele Wintertuin van Krasnapolsky elektrisch worden verlicht, met 1000 lampen.

    Opdrachtgever voor de uitbreiding was de in 1882 opgerichte NV Nederlandsche Electriciteits-Maatschappij (NEM). A.W. Krasnapolsky was een van de grootste aandeelhouders in het bedrijf; hij bezat 95 van de 800 aandelen. Ingenieurs van de NV waren W.C. en K. de Wit, destijds bekende ontwerpers van door stoomkracht gedreven installaties. Ook Mijnssen was betrokken bij de NEM. De ketels voor de stoommachines van deze centrale werden gemaakt door de Amsterdamse onderneming De Atlas; de stoommachines zelf kwamen uit Rotterdam, vermoedelijk van de werf van de NSBM in Feijenoord.

    Waarschijnlijk is het pand ook na 1883 herhaaldelijk verbouwd en gewijzigd. Het bouwdossier is onvindbaar in de gemeentelijke archieven. We weten ook niet hoe lang hier stroom is geproduceerd. De NEM werd in 1892 geliquideerd. Sinds 2016 staat in het gebouw een warmtekrachtkoppelingscentrale van het hotel. De verdiepingen zijn verbouwd tot woningen die bereikbaar zijn vanaf Oudezijds Voorburgwal 224-226.

    Oudezijds Voorburgwal bij 226, Servetsteeg 13-21

    Datering:
    1874 / 1883
    Ontwerp:
    Cerlijn, J. / G.B.Salm
    Bouwstijl:
    Oorsponkelijke functie:
    Slachthuis / elektriciteitscentrale
    Status:
    Rijksmonument (518314)
    Bronnen & links:
    Laatste wijziging:
    juni 2022

    Zoeken