17 augustus 1852 - 26 augustus 1908
Antonius Cornelis Boerma werd geboren in Leiden. Over zijn opleiding is ons niets bekend. In 1875 vestigde hij zich in Amsterdam, vanuit Zwolle. Hij was toen opzichter van beroep.
Zijn grootste project in Amsterdam werd het ontwerpen van gebouwen voor veemarkt en abattoir aan de Cruquiusweg (1887). In die panden is veel invloed van de chaletstijl te zien.
Boerma was destijds vermoedelijk in dienst bij Publieke Werken. Zeker is dat hij er in 1893 eervol ontslag kreeg, als "tijdelijk opzichter eerste klasse". In de jaren daarna werkte hij veelal samen met ingenieur-architect H.J. Wennekers.
Zijn bekendste werk is het Kabouterhuis aan de Ceintuurbaan (1884), ook in chaletstijl en vooral bekend door de figuren op het dak. Opmerkelijk was het snel bouwvallig geraakte café op de hoek van Dam en Damrak, de Bisschop (1899). Ook gesloopt is het Bestelhuis voor den Boekhandel (1892) op de hoek van Spuistraat en Raadhuisstraat, ontworpen samen met Wennekers.
Hij was katholiek en betrokken bij de bouw van diverse katholieke kerken en kapellen elders in het land. In Amsterdam ontwierp hij de ingang van de Papegaai aan de Kalverstraat (1899).
Boerma was enige tijd secretaris van het bouwkundig genootschap Architectura et Amicitia. Ook was hij betrokken bij de politieke beweging Amstels Middenstand. In 1893 stelde hij zich kandidaat voor de gemeenteraad, zonder gekozen te worden. In 1901 nam hij een nieuwe stap: samen met de assuradeur T.C. Schreuder begon hij een bureau dat schade kon taxeren. Het stopte in 1905.
Boerma was in 1878 getrouwd met A.M.C. Baumann. Hij kreeg circa 1906 een beroerte en raakte geheel verlamd. Hij overleed in 1908.