1 september 1865 - 29 oktober 1951
Woningopzichteres en volkshuisvester. Louisa Constantia Julia Eduarda Went werd geboren als oudste dochter van een Waals-hervormde makelaar aan de Herengracht. Ze doorliep de meisjes-HBS aan de Keizersgracht en de huishoudschool, en behaalde in 1883 de akte om les te kunnen geven op een lagere school.
Enkele jaren later maakte ze kennis met het werk van de sociaal-liberale feministe Hélène Mercier, die veel schreef over huisvestingsproblematiek. Zo raakte Went betrokken bij de woningkwestie. In de jaren 1890 kon ze handen en voeten geven aan haar ideeën over betere huisvesting voor arbeiders onder meer via de in 1896 opgerichte Bouwonderneming Jordaan. Went was een van de initiatiefnemers, samen met onder anderen Mercier, de progressief-liberale politicus Anton Kerdijk, de architect Jan Ernst van der Pek en C.W. Janssen, de zoon van de steenrijke tabaksplanter P.W. Janssen die de onderneming mede financierde. Van der Pek ontwierp de eerste (en enige) huizen van de Bouwonderneming, 92 woningen aan Lindengracht en Goudsbloemstraat, gereed in 1896.
Net als eerder haar collega en generatiegenoot Johanna ter Meulen liep Went in 1896 enkele maanden mee met de Britse sociaal werkster en woningopzichteres Octavia Hill in Londen. Hill werkte samen met een filantropische geldschieter aan de verbetering van de huisvesting van arbeiders, zowel fysiek als sociaal. Ter Meulen werd in 1898 directeur en woningopzichteres bij de Woningmaatschappij Oud-Amsterdam, Went werd woningopzichteres bij de Bouwonderneming. Waar Hill vooral heil zag in renovatie, pleitten Ter Meulen en Went voor nieuwbouw.
Om het werk van woningopzichteres en andere vormen van maatschappelijk werk te professionaliseren werd in 1899 de Opleidingsinrichting voor Socialen Arbeid gesticht - de eerste dergelijke opleiding ter wereld. Drijvende kracht was de sociaal werkster Marie Muller-Lulofs. Naast haar en Went waren ook Mercier, Kerdijk, C.W. Janssen en de politicus Willem Treub betrokken. Went gaf er colleges over het woningvraagstuk.
Vanaf de herinstelling in 1902 tot de opheffing in 1934 was Went lid van de gemeentelijke gezondheidscommissie. Die commissie was ook voor de volkshuisvesting van belang omdat ze woningen onbewoonbaar kon verklaren.
Went en architect Van der Pek trouwden in 1903. In 1906 richtten ze samen met C.W. Janssen een nieuwe woningbouwvereniging op, het Amsterdamsch Bouwfonds, die gebruik maakte van de middelen die de Woningwet van 1901 bood. Behalve reguliere woningen bouwde het Bouwfonds ook het Amsterdams Tehuis voor Arbeiders in de Marnixstraat (voor alleenstaanden, gereed 1918) en het Volkslogement in de Montelbaanstraat (gereed 1932).
Het echtpaar Van der Pek-Went woonden op Weteringschans 231. Na de dood van Van der Pek in 1919 bleef de weduwe er wonen tot ze in 1931 verhuisde naar Euterpestraat 86-III. Al die tijd was ze werkzaam voor het Bouwfonds. In 1936 stopte ze als woninginspectrice. Ze overleed in 1951.